Loire-à-vélo dag-4

Woensdag 12 juli, van Gien naar Orléans (80 km).

Voor een overzicht van alle dagen zie deze link.

Oude huizen als op een oud schilderij

Vanmorgen blijkt het te regenen bij het wakker worden. Vervelend want je wilt geen kleddernatte tent mee. Gelukkig wordt het snel droog en na het afdrogen van de tent met een sponsdoekje kan die toch droog mee. Het grondzeil is aan de onderkant bijna altijd wel nat en modderig, en die gaat opgerold altijd zo mee. We vertrekken weer om 8 uur, want het wordt een lange dag. We willen overnachten in Orléans en daar ook een rustdag nemen om de stad goed te kunnen bekijken.

Het eerste stuk moet steeds het regenjasje aan/uit. Dat ding willen we liever niet aan hebben, want door het zweten wordt je toch nat. Maar uit kan ook al niet.  Dus regelmatig even stoppen om te wisselen, afhankelijk van de buitjes. Gelukkig hoeven regenbroek en schoenhoesjes niet aan. Als het erg hard gaat regenen moet dat ook nog.  We checken op de app WheatherPro even de voorspelling van vandaag. Windsnelheid 26 km/uur, dat is windkracht 4-5, en we hebben wind tegen. Niet zo fijn.

Bij St-Florent gaan we wat van de rivier af en dat merk je onmiddellijk aan de steile heuvels. Maar het is wel te doen. Een enkel pijltje op de kaart en dat is 4-6% of zoiets. In Sully-sur-Loire aan de koffie. Het is een echte Franse bar, met veel ouderen. Een stel ervan kruipt zo nu en dan achter een gokkast.  in hetzelfde plaatsje de broodjes en kaas gehaald voor de lunch. We gaan verder over de brug en vervolgen de route via de rechteroever. Die bruggen zijn de enige plek waar je veel autoverkeer tegenkomt. Meestal is er geen apart fietsdeel op de brug. Maar de automobilisten gedragen zich wel netjes. Bij St-Benoit-sur-Loire aan de lunch. Er passeren veel fietsers hier. De route is behoorlijk populair. Franse fietsers zie je ook vaak met een fietskarretje met alle bagage erin. De vrouwen hebben in dat geval vaak alleen een ruime toilettas achterop! Arme Nederlandse vrouwen…

Onderweg nog even geprobeerd Renée in mijn luwte te laten rijden vanwege de sterke wind. We gaan dan wat sneller. Maar na 6 km valt ze ergens uitgeput in het gras. Dat werkt dus niet. En ze klaagt dat ze dan teveel op mij moet letten en niet om zich heen kan kijken. Terwijl ik echt probeer een constante snelheid te rijden…

Als we Orléans binnen rijden koerst de route-coördinator (Wim dus) aan op de plaatselijke camping (een municipal). Hij stond niet in de Osmand App, dus even opgezocht met Google Maps. Maar daar heeft hij wat slechte recensies. Van tevoren niet gecheckt door de route-coördinator! Zo’n camping willen we niet en daarom terug en alsnog naar een camping onder Orléans, bij het plaatsje Olivet. Kost wel 12 km extra, waardoor we uiteindelijk deze dag 96 km rijden. Maar die camping is prima. Je kunt er zelfs pizza’s krijgen. We zijn te moe om nog naar een supermarkt te rijden. Er was overigens bijna geen plek meer (met 230V) , omdat we rond 17:30 uur aankomen. Deze camping wordt door veel Nederlanders met caravan of camper ook gebruikt als stopplaats naar het zuiden merken we.

Hier de link naar het Google Maps kaartje




Loire-à-vélo dag-3

Dinsdag 11 juli 2017, Van St-Satur naar Gien (60 km)

Voor een overzicht van alle dagen zie deze link.

De pont-canal metallique bij Briare

Wederom niet al te laat op (6:30 uur) en om 8 uur gereed om te vertrekken. In Belleville sur Loire aan de koffie. Het valt op dat deze streek rustig is. Het hoogtepunt van de Loiretocht ligt waarschijnlijk verderop na Orléans, waar ook alle bekende kastelen liggen. Hier vindt je nog maar weinig wijngaarden (behalve dan vlak bij Sancerre) en heel veel landbouwgronden. Dichtbij de Loire is het ook behoorlijk vlak. De heuvels beginnen eigenlijk pas een paar km zijwaarts en mogelijk dat daar de wijngaarden liggen. Maar dat kunnen we niet zien.

De lunchbroodjes halen we weer bij de supermarkt en op het pleintje bij de plaatselijke bibliotheek kunnen we die mooi naar binnen werken.

Bij Briare zien we een veel groter aquaduct, een hele mooie deze keer, de pont-canal métallique uit de 19e eeuw. Er is een mooi cafeetje vlak bij en daar nemen we een koffie met citroencake. We krijgen er gratis een kan ijskoud water bij en dat is erg welkom natuurlijk.

Rond 16 uur op de camping van Gien. Na het installeren van de tent en het douchen halen we bij de supermarkt yoghurt voor morgenvroeg en willen in het stadje uit eten. Maar dat valt tegen.  Alle eet-horeca ligt aan een drukke weg en we willen graag buiten eten en niet binnen. Gaat niet door dus. Nog wel een ijsje gegeten op een pleintje, de kerk even van buiten bekeken, en daarna opnieuw eten halen, maar nu voor het avondeten.

Hier de link naar het Google Maps kaartje




Loire-à-vélo dag-2

Maandag 10 juli, Nevers naar St-Satur (80 km)

Voor een overzicht van alle dagen zie deze link.

Het stadje Sancerre

Het was een beetje onrustige nacht op de camping. Dat lag niet aan de camping of de gasten, maar aan een stel jongelui dat onder de brug naast de camping een hoop plezier hadden en de nodige herrie veroorzaakten. We lagen om 22 uur in bed, maar ik kon daardoor niet slapen. Na 24 uur werd het langzaam rustiger.

Om 6:30 uur weer op en na het ontbijt om 8 uur terug naar het station om dat parkeerkaartje voor de auto te regelen. Vervolgens op weg naar de route die ergens onder Nevers doorloopt. Het is allemaal prima aangegeven. Alleen staan de bordjes soms in de Franse stand en is het even zoeken welke kant ze nu precies bedoelen. Rechtdoor of toch rechtsaf bijvoorbeeld. Onderweg in een bar nog een extra koffie genomen. Een cappuccino kennen ze niet (dat is nog vaak zo blijkt later), dus dat wordt gewone koffie met een scheut koude melk.

Hierna weer verder. De weg is mooi vlak en heel rustig met prima asfalt. De route gaat steeds langs de rivier. Echt een bejaardentochtje tot nog toe! Rond 16 uur bij de camping van St-Satur. Prima plekje, goed sanitair, en met nu weer wel 220V. Na het douchen gaan we eten halen bij de supermarkt. Terug begint het te regenen en het glaasje wijn (Sancerre, dat wel!) moet opgedronken worden in een party tent naast ons plekje dat door fietskampeerders gebruikt mag worden.  En we blijven hier ook maar zitten voor het eten. Vlakbij St-Satur ligt Sancerre, op een heuvel boven ons. Eigenlijk willen er daar even rondkijken maar het is al laat. We besluiten aan het eind van de tocht hier terug te komen. Sancerre is tenslotte zeer bekend van de lekkere wijnen.

Later op de avond wordt op dezelfde plek animatie vertoond en dat deden ze heel leuk. Publiek, zowel de ouderen als de kinderen, werd er goed bij betrokken.  Een klein jongetje was de prins, een oudere dame de prinses en nog iemand anders was het witte paard. Eigenlijk was het de bedoeling dat de prins de prinses zou zoenen, maar dat durfde hij toch niet. Toen galoppeerde hij maar weg op zijn witte paard. En het publiek klapte voor alle leuke dingen die ze zagen. En het jongetje straalde!




Loire-à-vélo dag-1

Zondag 9 juli 2017, Leek naar Nevers.

Voor een overzicht van alle dagen zie deze link.

Het oude stadje Nevers

We hebben gisteren alles al zoveel mogelijk ingepakt en we vertrekken vanmorgen om 8 uur. Het is ongeveer 980 km naar Nevers en het is dus even doorrijden. We hebben enkele kleine files onderweg en de gebruikelijke drukte rond Parijs.  Na Parijs krijgen we nog even een flinke onweersbui  te verwerken, maar in Nevers is het droog. Van tevoren had ik al uitgezocht waar de auto de komende 14 dagen moet blijven:  je kunt bij het busstation van Nevers (meteen naast het treinstation) 2 weken lang parkeren voor €20,-. 3 Weken kost €35,-. Alleen blijkt het loket op zondag dicht te zijn. Van de lokettist van de treinen horen we dat ze op maandag wel weer aanwezig zijn. Dat betekent morgen even terugkomen om het kaartje te regelen. We pakken de spullen op de fiets en rijden naar de camping van Nevers, die mooi aan de oever van de Loire ligt. Beetje eenvoudige camping en geen 220V voor ons, helaas.

Na het opzetten van de tent de salades opgegeten die we van huis hadden meegenomen en daarna nog even het stadje bekeken.  Het is heel oud, maar goed geconserveerd. Er is zelfs een feest met voorstellingen en ergens staat een kleine kermis (op z’n Frans).  De terrassen zit goed vol en iedereen gaat nu pas (20:30 uur) eten. Wat opvalt is de relatieve rust in dit stadje. Na de Italiaanse herrie van een paar weken geleden valt het ons echt op. Ook de beveiligingsmaatregelen trouwens. Overal militairen met machinegeweren en grote zandzakken op strategische plaatsen om kwaadwillende vrachtwagens tegen te houden.

 

 




Fietsen naar Rome, Nabeschouwing

De reis zelf

  • Allereerst en vooral: álle hulde voor Hans Reitsma die deze hele tocht met zoveel toewijding en zorgvuldigheid heeft samengesteld. Juist het feit dat je weet dat hij de best befietsbare route heeft uitgezocht, met zo veel mogelijk fietspaden en zo min mogelijk autoverkeer, maakt dat je deze tocht aandurft. Bovendien, voor degenen die willen kamperen, zijn de etappes ook nog zodanig op maat gemaakt dat je telkens een (goede) camping op het eindpunt treft. En dat is niet vanzelfsprekend. In Nederland (en waarschijnlijk ook in Frankrijk) zijn overal altijd voldoende campings beschikbaar. In Duitsland is dat al niet meer het geval, en in Italië al helemaal niet.

  • Voor ons was dit de eerste grote buitenlandse fietskampeertocht – het was een fantastische reis. Niet alleen tijdens de reis zelf, maar ook in alle voor- en napret hebben we er ongelooflijk veel plezier aan beleefd. Hoe vaak hebben we niet in de winter tijdens het borreluurtje het boekje van Reitsma er maar weer eens bij gepakt om te kijken wat ons in het nieuwe gedeelte van de tocht te wachten stond.

  • We hebben ontdekt dat trekken essentieel anders (en nog veel leuker) is dan het maken van fiets- of wandeltochten vanaf een camping waar je langere tijd staat. Bij het trekken op de fiets verandert het landschap voortdurend, de taal, de mensen, de specialiteiten van de streek, de wijze waarop de boerderijen gebouwd zijn, de architectuur – alles is elke dag weer anders. Je hoort de vogels, ruikt de natuur – je zit middenin het landschap. En je gaat langzaam genoeg om alles goed in je op te nemen, en tegelijkertijd snel genoeg om die afwisseling te ervaren.

  • Kamperen werkt voor ons het allerbeste, omdat je helemaal vrij bent en steeds buiten. Het beperkt je wel een beetje in je etappe-plaatsen. Met B&B’s of hotels ben je wat dat betreft flexibeler – maar die moet je dan vaak weer van te voren bespreken. En ook al heb je dan meer luxe, voor ons weegt dit vaak niet op tegen de vrijheid van een camping.

  • Verder is het kamperen ook eenvoudig: het is niet zo belangrijk of het plekje voor de tent nu wel of niet heel goed is – je staat er toch maar één nacht. Goed sanitair is natuurlijk wel belangrijk en niet teveel herrie op de camping, maar dat is ook eigenlijk alles.

  • Het is heel erg handig om een navigatie-app te hebben waarin ook alle supermarkten (en eventueel fietsenmakers) te vinden zijn, zodat je op tijd kunt plannen waar je boodschappen voor de lunch en het avondeten moet doen.

  • We hebben over het klimmen inmiddels een paar dingen geleerd:

    • Je moet je tijdens de klim niet tegen de klim verzetten – accepteer gewoon dat hij er is en dat hij ooit wel weer eens ophoudt. Misschien nog niet bij deze bocht en ook niet bij de volgende.

    • Zeker bij hoge temperaturen is het prettig om zoveel mogelijk van het klimwerk al voor 12.30 uur achter de rug te hebben. Liever dus maar ’s morgens heel vroeg opstaan dan laat in de middag nog moeten klimmen.

    • Enne … de filosofie van de heuvel hebben wij toch ook nog niet helemaal ontdekt …

  • Je komt met de fiets overal. Je parkeert voor elk terras of voor de deur van de supermarkt.

  • In feite gold voor deze tocht: je stapt op op je eigen oprit en uiteindelijk stap je af op het St. Pietersplein in Rome. Een leuk idee.

Navigatie:

  • De navigatie is vrijwel helemaal gedaan met de App Osmand. Deze maakt gebruikt van de kaarten van Open Street Map, kaarten die door vrijwilligers worden bijgehouden. Het leuke van deze app is dat je je internetverbinding onderweg niet nodig hebt, zoals Google Maps die dat wel nodig heeft. De benodigde kaarten download je thuis van tevoren. De route van Reitsma is als gpx bestand beschikbaar en laadt je eveneens. En daarna is het een kwestie van het rode lijntje op de kaart volgen.

  • Ook erg handig zijn de Points of Interest (POI’s). Zo vind je gemakkelijk overnachtingsadressen, supermarkten en campings.

  • Van 2014 t/m 2016 gebruikten we voor de navigatie een smartphone van LG. Die werd te warm (zwart glas warmt erg op in zonlicht) en ging ook raar doen als er een accupack aan hing (verschillende geprobeerd). Bovendien was hij niet waterdicht. In 2017 hadden we een Samsung mee, die wel waterdicht was. We hebben de waterdichtheid niet kunnen testen, want alle dagen hadden we fantastisch weer. De warmte kon hij goed aan, en ook met de accupack eraan was er geen enkel probleem. Een accupack van 5200 mAh is meer dan genoeg voor een dag navigeren.

Fietsen

  • Heb je speciale fietsen nodig voor dit soort tochten? Die vraag krijgen wij wel eens. Het antwoord is nee. Weliswaar hebben wij nu Koga Wordltravellers , maar Wim’s fiets in deel 1 van de reis was een gewone sportieve Koga fiets met 3×8 versnellingen. Die – toen al meer dan 10 jaar oude fiets – kreeg een dure reparatie voor de boeg (alle derailleurs waren versleten en moesten vervangen worden) en werd toen ingeruild voor een nieuwe trekkingbike. Mijn mening is dat Rohloff naven of Pinion versnellingen wel erg mooi zijn (en vooral onderhoudsarm), maar ook erg duur. Mijn keuze blijft toch gewoon een derailleursysteem. En het hoeft ook geen Koga te zijn, natuurlijk. Je koopt bijvoorbeeld voor € 999,- al een sportieve fiets van Cube met 3×10 versnellingen, waarmee je prima kunt trekken. En als je na een paar jaar echt een liefhebber van trekken met de fiets bent geworden kun je altijd nog overstappen op een trekkingbike van Koga of Santos. Let wel op dat je als fietskampeerder voortassen moet kunnen meenemen. Daarvoor heb je een voordrager aan de voorvork nodig (dat vergt ogen aan de vork) en liefst geen voorvering (of een blokkeerbare voorvering).

  • Wat mij is tegengevallen van mijn Koga is het gedoe rond mijn achternaaf. Dat is een Shimano XT naaf van aluminium. Vroeger schijnt die van staal te zijn geweest en was hij stevig genoeg. Maar die aluminium naaf is gewoon niet sterk genoeg. Ik ben geen buitengewoon sterke fietser met mijn 68 jaar, maar wist toch in 2016 de boel stuk te krijgen op één van de hellingen in Italië. Het freewheel deed het niet meer en dat is lastig fietsen (zie deel 3, etappe 24) .  Na een fietsreparatiecursus van de Europafietsers bij fietsenbouwer Marten Gerritsen van M-Gineering in Kiel Windeweer, kwam ik later bij het doorlezen van zijn site op deze pagina (klik vervolgens op Fietstechniek/Opzoeken en verderop de pagina naar menu-item Oops!) onderstaande tekst tegen:

“Nog een Shimano naaf die opeens speling had. De holle bout waarmee je het freewheel tegen het naafhuis schroeft heeft de draad uit het naafhuis getrokken. Met bagage belaste vakantiefietsen met een laag verzet is namelijk iets waar ze vaak niet tegen kunnen, Bij het oude model met stalen as was dat nooit een probleem, maar die was dan ook 30 gram lichter! Door de dikkere aluminium as is er ook minder ruimte voor het freewheel, dus dat is ook niet probleemloos in de praktijk “

Dit is dus mijn probleem geweest. Ik heb Marten een nieuw achterwiel met andere as (Shimano LX, van staal dus) laten maken en die in mijn fiets gemonteerd. En geen enkel probleem meer gehad onderweg! Slechte beurt van Koga derhalve.




Fietsen naar Rome, Terugreis

Vrijdag 2 juni / zaterdag 3 juni 2017, Terug van Rome naar Leek

Voor een overzicht van alle etappes in 2017 zie deze link

Het treinstation van Verona

De terugreis verloopt soepel. We moeten om 09:00 uur de trein halen. Kaartjes hebben we gisteren al gehaald en na douchen en inpakken fietsen we rustig naar het station. In een bar er tegenover nog even de gebruikelijk koffie met zoet broodje gescoord. Het laden van de fietsen gaat gemakkelijk. De wagon waar ze in moeten zit óf vooraan óf achteraan de trein, maar er is steeds tijd genoeg (vanwege de stoptreinen). We rijden genoeglijk door het landschap waar we eerder doorheen fietsten. Via de overstapplaatsen Florence, Prato, en Bologna arriveren we om 17:30 uur in Verona. Nog even 12 km fietsen naar het vliegveld, waar de auto staat. We rijden meteen door naar Rovereto waar we  vanuit de trein een hotelletje hebben geboekt. ’s Avonds in dit stadje nog even rondgewandeld met heel wat beter weer dan vorig jaar toen we hier (zie deel 3, etappe 23) ook waren.

De volgende dag terug per auto naar Leek. Na 1250 km komen we ’s avonds om 22 uur aan in Leek. De reis zit erop!




Fietsen naar Rome, Rustdag Rome

Donderdag 1 juni 2017, Rustdag in Rome

Voor een overzicht van alle etappes in 2017 zie deze link

De Neptunus fontein op Piazza Navona.

Deze dag hebben we een beetje de toerist uitgehangen in Rome. We gingen per trein naar het Piazza del Populo en vandaar lopend door het centrum van Rome. Koffie gedronken op het Piazza Navona. We waren jaren geleden al eens op een stedentripje in Rome dus het was vooral het weerzien van bekende plekken: het Pantheon, het monument voor koning Victor Emmanuel II (“de suikertaart”), Het Forum Romanum, etc. De foto’s spreken voor zich. Veel terrasbezoek vandaag!

Na de lunch het station opgezocht (Roma Termini) om uit te zoeken hoe we terug moeten naar startpunt Verona. Thuis had ik al uitgevonden dat fietsen hier de sneltrein niet in mogen. Beetje jammer, want daarmee ben je in 2,5 uur weer terug in Verona. We moeten nu met regionale (stop-)treinen terug. Dat betekent 3 keer overstappen en je bent ongeveer 1 dag onderweg (van 09:00 tot 17:32). Het is niet anders.

Het bemachtigen van de treinkaartjes is nog even een klusje. Gelukkkig helpt een meisje van de spoorwegen ons. Je hebt per traject 2 personenkaartjes nodig + 2 fietskaartjes. Totaal vanwege de 4 trajecten dus 16 kaarten. Het kost ongeveer 30 minuten om dit allemaal uit de automaten geprint te krijgen (en 8 pin transacties). We zijn blij dat we dit nu alvast doen en het er morgen niet op laten aankomen. Zou alleen maar stress opleveren. We kijken ook nog even waar de trein morgen vertrekt, want het station Roma Termini is groot en heel erg druk en we moeten er morgen met die zwaar bepakte fietsen doorheen.




Fietsen naar Rome, etappe 34 (slot)

Woensdag 31 mei 2017, van Otricoli naar Rome (75 km)

Voor een overzicht van alle etappes in 2017 zie deze link

Renée op een van de laatste klimmetjes voor Rome

Het einde van deze mooie tocht zit eraan te komen. Nog één lange etappe met heuvels en dan zijn we in Rome! Maar eerst nog even deze dag zien door te komen. De lastigste van dit jaar.

Weer vroeg op en om 7:15 uur op de fiets. 

Het eerste stuk is pittig en bevat toch wel erg veel klimmetjes. Deze laatste etappe is daardoor wel een van de zwaarste, alhoewel je dat aan de klim- en daalmeters niet meteen zou zeggen. Etappe 19 van Stams naar Pfunds in Oostenrijk staat op dit vlak nog steeds op nummer 1.

Ook nu weer druk verkeer. Overigens, ik zei het al eerder, rijden de Italianen over het algemeen best wel netjes en proberen ze rekening te houden met de fietsers.

Onze trouwe fietsjes op het St Pietersplein in Rome

Na Sacrofani gaat de route naar beneden. We wilden hier zijn voor 13 uur vanwege de hitte en dat lukt gelukkig aardig. Met een rustig gangetje rijden we vervolgens naar Rome. We passeren drukke voorsteden van Rome zoals Prima Porta, maar ook in het wat chaotische verkeer kunnen we heel goed onze weg vinden dankzij de Osmand navigatie.

Daarna komen we plotseling op een mooi en rustig fietspad langs de Tiber terecht en dat voert ons rechtstreeks naar het centrum van Rome. Een kilometer of 12 voor het centrum ligt een luxe camping, Village Flaminio. Even water drinken, tent opbouwen, douchen en dan rond 18:30 uur op weg naar het St Pietersplein. En daar kunnen we elkaar feliciteren met het behalen van de tocht. De tocht was zwaar (dit deel was inderdaad zwaarder dan de Alpen), maar heel erg mooi. En Italië is weer zo anders dan bijvoorbeeld Oostenrijk of Duitsland. 

Een welverdiend glas wijn!

Na de fotoshoot bij de St. Pieter gaan we wijn drinken en uit eten. Dat hebben we wel verdiend, tenslotte. Voor ons doen zijn we laat terug op de camping (22:30 uur), maar het slapen wilde bij beiden niet erg vlotten, ondanks de grote vermoeidheid van vandaag.

 

De gereden route:

Hoogteprofiel (klik voor een uitvergroting) en statistiek van deze etappe:

Statistieken van vandaag:

  • Hoogte Otricoli: 87 m
  • Hoogte Rome: 26 m
  • Maximale hoogte: 351
  • Klimmeters: 869
  • Daalmeters:  930
  • Afstand: 80,2 km
  • Tijdsduur: 11 uur 39 minuten



Fietsen naar Rome, etappe 33

Dinsdag 30 mei 2017, van Massa Martana naar Otricoli (54 km)

Voor een overzicht van alle etappes in 2017 zie deze link

Uitzicht vanuit Otricoli

Wederom vroeg op, om 5:30 uur. Deze 3 etappes van Assisi naar Rome (gisteren, vandaag en morgen) staan bekend om hun moeilijke trajecten (steeds klimmen en dalen, zie de hoogteprofielen). Bovendien rijden we nu vrijwel constant over 2-baans wegen. En die zijn helaas in de heuvels niet erg breed en op sommige gedeelten ook nog eens heel druk. Het rijden vergt dus nogal wat aandacht. Gelukkig geeft Hans Reitsma in z’n routeboekjes goed aan waar je de echt drukke stukken kunt verwachten.

Wat goed gaat is, als personenauto’s op beide weghelften rijden en ons passeren. Eén vrachtwagen en één personenauto gaat ook nog net. Maar met 2 vrachtwagens wordt het erg penibel. Ik zit dan ook veel in m’n spiegeltje te kijken (zo’n spiegel is echt wel nodig in Italië) en te letten op de vrachtwagens. Renée rijdt altijd voorop en mag naar achteren waarschuwingen roepen voor gaten, scheuren, putten, bramen die over de weg hangen, humps en allerlei combinaties van het voorgaande (put met gat en scheur). Het asfalt is, zoals eerder al gemeld, niet al te best in Italië. En een kromme velg als gevolg van zo’n gat in de weg loop je onderweg liever niet op. Ik rijd achter haar, geef de routeaanwijzingen door en let op het achteropkomende verkeer. Het is soms een heel geschreeuw onderling 🙂 .  Maar serieus: die vrachtwagens zijn best wel eng soms. Zie ik aankomen dat het echt te krap wordt, dan roep ik “de berm in” en stoppen we tot ze voorbij zijn. En dan te bedenken dat er ook veel wielrenners over die wegen rijden! Wij zijn als Nederlanders natuurlijk ook wel erg verwend met al die fietspaden in ons land.

We rijden in dit gebied over de Via Flaminia – een zeer oude weg, nog aangelegd door consul Gaius Flaminius in 220 v Chr. Later werd de weg meer naar het oosten verlegd. De weg was een belangrijke route naar het Noorden van het rijk.

Onderweg weer leuke stadjes doorgefietst zoals San Gemini en Narni. Als we lunchen op een bankje in een dorpje, zien we hoe het dorpsleven zich voor onze neus voltrekt. De lokale alimentari, frutti e verdure, annex bar, annex verkoper van huishoudelijke artikelen en persoonlijke hygiène (zoals allemaal op de gevel staat), speelt daarbij een belangrijke centrale rol. Iedereen kent elkaar, maakt een praatje met elkaar – en gaat daar soms ook eens uitgebreid voor zitten. Het lijkt net of iedereen alle tijd heeft. Oudere mannen komen vol belangstelling naar de baby kijken en even in een wangetje knijpen. Ergens uit een raam komen de klanken van een opera. Als het nodig is wordt er dubbel, of soms driedubbel geparkeerd voor de deur van de supermarkt. Niemand maakt zich druk over regels – natuurlijk snap ik dat jij hier vlak voor de deur parkeert. Dan rijd ik toch gewoon even via de andere baan om jou heen. En mijn tegenligger houdt dan wel weer rekening met mij. En de buschauffeur wacht ook wel even tot we klaar zijn. Waarom je ergens druk over maken – het werkt toch? Je hebt toch echt wel het idee midden tussen de Italianen te leven op deze manier.

Veel Italianen steken ook de duim omhoog als ze ons zo zien zitten en roepen ons “buon giorno” of “buon viaggia” toe. Erg gemoedelijk allemaal.

ngg_shortcode_0_placeholder” template=”/home/xxuprnbu/domains/wijninga-kamphuis.nl/public_html/wandelen/wp-content/plugins/nextgen-gallery/products/photocrati_nextgen/modules/ngglegacy/view/gallery.php” order_by=”pid” order_direction=”ASC” returns=”included” maximum_entity_count=”5000″]

 

De gereden route:

Hoogteprofiel (klik voor een uitvergroting) en statistiek van deze etappe:

Statistieken van vandaag:

  • Hoogte Massa Martana: 278 m
  • Hoogte Otricoli: 87 m
  • Maximale hoogte: 372
  • Klimmeters: 670
  • Daalmeters:  861
  • Afstand: 54 km
  • Tijdsduur: 6 uur 48 minuten



Fietsen naar Rome, etappe 32

Maandag 29 mei 2017, van Assisi naar Massa Martana ( 54 km)

Voor een overzicht van alle etappes in 2017 zie deze link

Bevagna, ook weer zo’n leuk oud stadje

Het belooft een warme dag te worden en we besluiten vroeg te vertrekken: 5:30 uur opstaan en 7 uur vertrekken. Er staan weer klimmetjes op het programma en we willen voor 12 uur die klimmetjes gedaan hebben. In Bevagna aan de koffie en boodschappen voor lunch en diner gedaan.

Bevagna doet ons terugdenken aan een vakantie in de jaren 90, toen we hier gewandeld hadden en even gingen uitrusten op een perceel waar een casco huis stond dat nog afgebouwd moest worden. Het stond te koop en we hadden vanaf wat het terras zou gaan worden van dat huis een schitterend uitzicht op de vallei. En aan de overkant daarvan zagen we Assisi liggen, in dat prachtige licht. We zagen onszelf daar al zitten, aan het einde van de middag met een koel glaasje witte wijn … Ook toen droomden we al wel eens van een huis in Italië. Beetje onzin, want wat we al lang wisten van eerder vakanties in Italië was, dat na week 2 of 3 de irritaties bij ons over de Italianen vaak toenamen. En na 3 weken waren we dan blij weer te vertrekken. Deze fietsvakantie hebben we daar nog helemaal geen last van. Zijn wij veranderd of de Italianen? Of komt het door deze prachtige tocht op de fiets door dit land?

De hellingen vallen mij vandaag mee, maar Renée zit wel heel erg te zweten. Zo nu en dan stoppen we even om weer op adem te komen. Wel steeds weer heel mooie uitzichten over de valleien. We kunnen nog heel lang Assisi zien liggen.

In Bastardo nemen we nog een 2e koffie. De prijzen in zo’n bar vallen voor onze Nederlandse begrippen enorm mee. Voor een Italiaans ontbijt voor 2 personen (cappuccino (‘un cappu’), espresso en 2 zoete broodjes (‘due brioches’) betaal je hier zo’n € 4,50). En de kwaliteit van de koffie is natuurlijk zonder uitzondering perfect!

De Agriturismo camping zo’n 3 km van Massa Martana lijkt op het eerste gezicht niks. We zien geen badhuis en alles is dicht. Maar dat zegt in Italië helemaal niets, weten we inmiddels. We gaan even plat voor een uurtje op een grasveldje bij de ernaast gelegen pizzeria, waarvan alle deuren open staan, maar waar ook niemand is te vinden. Om 15 uur terug en ja hoor, de receptie is open. Het badhuis is, geloof ik, tevens de badkamer van de bewoners van het huis met de receptie maar is schoon. Er is één badkamer voor vrouwen en één voor mannen. Voor douchen moet ik naar de vrouwen toe. Wij zijn de enige kampeerders hier, en hoe dat moet met meer dan 3 kampeerstellen op de camping is mij niet duidelijk. In de rij staan?

Nadat de tent is opgezet en we lekker onder de douche zijn geweest, nog even weer teruggefietst naar het dorp. Op het enige terras van het dorpje passen we ons moeiteloos aan aan de dorpsgewoonten, en wachten we met een glaasje wijn op het moment dat het tijd wordt om te gaan eten.

De gereden route:

Hoogteprofiel (klik voor een uitvergroting) en statistiek van deze etappe:

Statistieken van vandaag:

  • Hoogte Assisi : 219 m
  • Hoogte Massa Martana: 279 m
  • Maximale hoogte: 555
  • Klimmeters: 551
  • Daalmeters:  492
  • Afstand: 54 km
  • Tijdsduur: 6 uur 26 minuten